Thema Landelijk gebied

Veelgestelde vragen

Is in de planuitwerking ook nog een milieueffectrapport nodig...

... als in een eerdere fase al een milieueffectrapport is gemaakt?
Ja, dat is mogelijk. Een planuitwerking is vaak meer gedetailleerd en toont dan ook vaak nieuwe milieuinformatie. Nieuwe strategische afwegingen zijn daardoor mogelijk. 
Bijvoorbeeld: er is een plan-MER gemaakt bij een provinciale structuurvisie. Het provinciale beleid wordt vervolgens vertaald naar een gemeentelijke structuurvisie. In het daarbij opgestelde plan-MER wordt ingezoomd op de lokale, gemeentelijke situatie. De ontwikkelingen die in de gemeentelijke structuurvisie zijn opgenomen worden vervolgens vastgelegd in het bestemmingsplan van de gemeente. En in het bestemmingsplan wordt concreet vastgelegd waar welke activiteiten mogelijk zijn. De milieueffecten zijn hierdoor concreter uit te werken in het plan-MER.

Wat regelt een herziening bestemmingsplan buitengebied?

Een integrale herziening van een bestemmingsplan buitengebied regelt bijvoorbeeld: 

  • Ontwikkelingen in de veehouderij, zoals groei en nieuwvestiging
  • Oprichting van mestbe- of mestverwerkingsinstallaties
  • Recreatieve ontwikkelingen, zoals nieuwbouw van recreatiewoningen of de oprichting of uitbreiding van campings
  • Oprichting van windturbines
  • Glastuinbouw

Als een milieueffectrapport gemaakt moet worden, dan komen hierin ook de niet-direct m.e.r.-plichtige activiteiten met belangrijke milieugevolgen.

Wat is milieugebruiksruimte?

Milieugebruiksruimte is de ruimte voor toekomstige ontwikkelingen in een plangebied, gelet op de milieueffecten en randvoorwaarden door bestaande en toekomstig zekere activiteiten. 
Een analyse van de milieugebruiksruimte geeft informatie over knelpunten (bijvoorbeeld geur, ammoniak en fijnstof) en kansen in het buitengebied. Als uit het milieueffectrapport blijkt dat er geen gebruiksruimte meer is, dan kan onderzocht worden of er nog ruimte gecreëerd kan worden. Ruimte creëren kan door bijvoorbeeld technische eisen te stellen aan bedrijven, extra natuurontwikkeling, activiteiten te zoneren of vergunningen van gestopte bedrijven in te trekken.

Moet ik gezondheid beschrijven in een milieueffectrapport voor veehouderij?

Bij plannen en projecten voor veehouderijen adviseren we de mogelijke gevolgen voor gezondheid te beschrijven in het milieueffectrapport. Verandering in het leefmilieu hoort hier ook bij. Het gaat vooral om:

  • Luchtkwaliteit (fijnstof afkomstig van verkeer en uit veehouderijen).
  • Geur
  • Geluid
  • Risico op infectieziekten (zoönosen, antibiotica resistentie en endotoxinen).

Breng woningen en andere gevoelige bestemmingen in beeld en beschrijf het lokaal gezondsheidsbeleid en/of beleid rond leefomgevingskwaliteit, bijvoorbeeld gemeentelijk geurbeleid.
Omdat er veel onzeker is over de relatie gezondheid - intensieve veehouderij, adviseren we om: 

Is een megastal in de buurt slecht voor mijn gezondheid?

Een deel van de ziektes in Nederland wordt veroorzaakt door milieufactoren. Voor veehouderij en gezondheid gaat het om luchtkwaliteit (fijn stof), geur, geluid en het risico op infectieziekten (zoönosen, antibioticaresistentie en endotoxinen). Er is nog veel onzeker over het risico op infectieziektes. Een goede onderbouwing van afstandsadviezen ontbreekt bijvoorbeeld nog.

Moet een milieueffectrapport de maximale mogelijkheden beschrijven?

Voor een gemeente is het zinvol om te weten of alle ontwikkelingen die met het bestemmingsplan mogelijk zijn wel uitvoerbaar zijn. Uit jurisprudentie blijkt dat bij het beoordelen van de m.e.r.-plicht en bij het opstellen van een milieueffectrapport moet worden uitgegaan van hetgeen een plan of besluit maximaal mogelijk maakt. Denk bij het opstellen van het rapport aan wat het plan direct en indirect mogelijk maakt, bijvoorbeeld  middels wijzigingsbevoegdheden.

Hoe bereken je de effecten van de maximale mogelijkheden?

Bij de berekening van de maximale mogelijkheden moeten eventuele wijzigings-bevoegdheden, uitwerkingsplichten en ontheffingsmogelijkheden die in het bestemmingsplan staan worden meegenomen.
Uitgangspunt is dat alle bestemde ruimte wordt ingevuld. Dus op elk perceel met een bepaalde bestemming (al of niet via een wijzigingsbevoegdheid) moet rekening worden gehouden met volledige benutting van die bestemde ruimte. Het milieueffectrapport maakt zo inzichtelijk waar problemen te verwachten zijn en dient daardoor als basis voor een discussie over knelpunten, locaties van knelpunten en alternatieven of maatregelen om de knelpunten zo nodig te voorkomen of te beperken.

Waar vergelijk je de maximale effecten mee? Wat is de referentiesituatie?

De effecten van het worst case scenario worden in het milieueffectrapport vergeleken met de referentiesituatie. In een Passende beoordeling moeten de effecten worden bepaald ten opzichte van de huidige, feitelijke situatie. De referentiesituatie bestaat uit:

  • De huidige, feitelijke situatie:
    alle vergunde activiteiten die zijn gerealiseerd (of direct geactiveerd kunnen worden), uitgezonderd illegale activiteiten.
  • De toekomstig zekere ontwikkelingen binnen en buiten het plangebied:
    dit zijn bestemde en vergunde activiteiten die binnenkort ingevuld worden.
  • Generieke, planoverstijgende ontwikkelingen:
    dit zijn bijvoorbeeld normen die voortvloeien uit het Besluit Huisvesting (voor veehouderij) of het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit.