201. Toelating van de boorspoeling Versaclean EMO 4000

Op 1 januari 1988 is de Regeling inzake lozingen van oliehoudende mengsels vanaf mijnbouwinstallaties in zee van kracht geworden. Bijlage 1 van deze regeling bevat een lijst van toegelaten oliehoudende boorvloeistoffen. In de toelichting op deze regeling wordt gesteld over het toelatingsbeleid van nieuwe boorvloeistoffen: “Het spreekt vanzelf dat, indien er nieu we oliehoudende boorvloeistoffen zijn ontwikkeld die qua verontreiniging betere eigenschappen bezitten dan de thans in bijlage 1 genoemde spoelingen, deze eveneens in die bijlage opgenomen kunnen worden.” Ten aanzien van de toelating van boorvloeistoffen wordt een zogenaamd referentiebeleid gevoerd. Dit houdt in, dat in overleg met de betreffende boorvloeistofleveranciers een referentiespoeling is aangewezen, waarmee nieuwe boorvloeistoffen zullen worden vergeleken. Nieuwe producten van leveranciers worden in principe toegelaten, in dien uit tests blijkt dat de eigenschappen van het nieuwe product minder schade toebrengen aan het milieu dan het oude product. In dit geval is Omniclean IL 3000 aangewezen als referentiespoeling. De Commissie heeft zich daarom gebogen over de vraag, of redelijkerwijs kan worden aangenomen dat Versaclean EMO 4000 uit milieuoogpunt beter is dan Omniclean IL 3000.   

Procedure en adviezen

Ontheffing
03-10-1988 Adviesaanvraag
04-10-1988 Datum kennisgeving
04-10-1988 Ter inzage legging van de informatie
02-11-1988 Advies uitgebracht
Ontheffing

Opmerkingen bij de advisering

De Commissie adviseerde positief, omdat Versaclean ten opzichte van Omniclean in een aantal tests duidelijk minder toxisch bleek. Op 14 december 1988 werd de wijziging van de Regeling door de Minister van EZ gepubliceerd. Tegen de beschikking waren evenwel beroepen ingesteld, waarbij tevens om schorsing werd gevraagd. In verband hiermee werd op 18 januari het besluit van 14 december ingetrokken., De voorzitter van de afdeling geschillen van de Raad van State heeft op 7 april 1989 beide schorsingsverzoeken afgewezen, waardoor het ontheffingsbesluit van 22 november 1988 weer van kracht werd. Op 21 juni 1989 werd de regeling met dezelfde inhoud als van 14 december 1988 opnieuw bekendgemaakt. De regeling is in werking getreden op 1 januari 1990. 

 

Betrokken partijen

Samenstelling van de laatste werkgroep

dhr. dr. J.P. Boon
dhr. dr. H. Bothe
dhr. mr. A.H. IJlstra
dhr. dr. H.J. Lindeboom
dhr. prof.ir. J.J. van der Vuurst de Vries

Voorzitter: dhr. ir. K.H. Veldhuis
Werkgroepsecretaris: dhr. drs. H. Huisman

Initiatiefnemer en Bevoegd gezag

Initiatiefnemer
M.I. Drilling Fluids International b.v.
Tricorp Fluid Technology b.v.

Bevoegd gezag
Ministerie van Economische Zaken
Rijkswaterstaat
Ministerie van Volkhv., R.O. en Milieubeheer

Overige gegevens

Gebied: Nederland, niet provinciaal ingedeeld gebied


Categorie├źn Besluit m.e.r.

Code Omschrijving
C17.2 tot 1-4-2011: Winning aardolie of aardgas >= 500ton respectievelijk >= 500.000m3

Bijgewerkt op: 10 jul 2018