370. Masterplan Harlingen

Het Ontwikkelingsplan, dat de basis heeft gevormd voor het ontwerp-structuurplan, is een plan dat is ontworpen voor de versterking van de sociaal-economische structuur en voor een betere ruimtelijke ordening. Dit komt tot uitdrukking in onder meer de volgende deelactiviteiten:  ● scheiding van functies (ordening van industrie ten opzichte van wonen, recreatie en toerisme); ● uitbreiding van de jachthavens; ● de aanleg van een baggerspeciedepot; ● uitbreiden en vernieuwen van de industriehaven, inclusief het industrieterrein; ● verdiepen vaargeul; ● aanleg zeestrand; ● aanleg van een aantal aanvullende recreatieve voorzieningen.  

Procedure en adviezen

Richtlijnen
19-06-1991 Datum kennisgeving
19-06-1991 Ter inzage legging van de informatie
04-09-1991 Advies uitgebracht
Advies voor richtlijnen
Toetsing
25-03-1994 Kennisgeving MER
25-03-1994 Ter inzage legging MER
31-03-1994 Aanvraag toetsingsadvies bij de Commissie m.e.r.
06-06-1994 Toetsingsadvies uitgebracht
Toetsingsadvies

Opmerkingen bij de advisering

Deze m.e.r.-procedure is op vrijwillige basis gestart. Van de activiteiten zijn alleen de uitbreiding van de jachthavens en de aanleg van het baggerspeciedepot mogelijk m.e.r.-plichtig. Het is echter de vraag of hiervoor de drempelwaarde uit het Besluit m.e.r. wordt gehaald. Mede naar aanleiding van een briefwisseling met het ministerie van VROM over de complexiteit van en de samenhang tussen de plannen is besloten de volledige m.e.r.-procedure voor het gehele plan te volgen. Planonderdelen, waarvoor de besluitvorming reeds in een vergevorderd stadium verkeert, zijn in het MER niet opnieuw ter discussie gesteld. 

In haar toetsingsadvies wees de Commissie erop dat het MER weliswaar voldoende informatie bevatte voor het nemen van een besluit over het structuurplan, maar dat bij de verdere uitwerking van de plannen nader onderzoek nodig zou zijn. Onder meer zal moeten worden nagegaan of de planonderdelen conform de doelstellingen worden uitgevoerd en indien dit niet het geval is, wat hiervan de milieueffecten zijn. Daarnaast verdient de toenemende recreatiedruk, en de relatie hiervan met het rijksbeleid bij de verdere besluitvorming meer aandacht.

Bij de vaststelling van het structuurplan is alleen gemotiveerd hoe met de twee zienswijzen is omgegaan; deze hebben niet tot aanpassing geleid.

Betrokken partijen

Samenstelling van de laatste werkgroep

dhr. prof.dr. F. Colijn
dhr. prof.mr.dr. E.F. ten Heuvelhof
dhr. drs. J.P.J. Nijssen
dhr. prof.dr. J.H.J. Terwindt
dhr. ir. J.J. van Willigenburg

Voorzitter: dhr. mr. A.A.M.F. Staatsen
Werkgroepsecretaris: dhr. drs. T. Gorter

Initiatiefnemer en Bevoegd gezag

Initiatiefnemer
Harlingen

Bevoegd gezag
Harlingen

Overige gegevens

Gebied: Nederland, provincie Friesland


Categorie├źn Besluit m.e.r.

Code Omschrijving
C10.3 tot 1-4-2011: Jachthaven met >= 500 ligplaatsen of >= 250 in gevoelig gebied: aanleg, wijziging of uitbreiding
C18.3 tot 1-4-2011: Stort baggerspecie >= 500.000m3, klasse >= 3

Bijgewerkt op: 10 jul 2018