615. Verbreding A4, Burgerveen - Leiden
Voor de voorgenomen verbreding van de A4 tussen Burgerveen en Leiden van twee naar drie rijstroken wordt de procedure volgens de Tracéwet gevolgd. Met name bij de tracering en inpassing van een gecombineerd tracé in Leiderdorp voor zowel de A4 als de hogesnelheidsspoorverbinding (HSL) Amsterdam – Rotterdam – Brussel – Parijs is er een sterke samenhang tussen beide projecten. Vandaar dat de vooroverlegfase voor de m.e.r. A4 parallel loopt met de ter visielegging van de nieuwe HSL-nota en het de bedoeling is (interim-)resultaten van deze m.e.r. A4 te betrekken bij de besluitvorming over PKB deel 3 van de hogesnelheidsspoorverbinding.
Procedure en adviezen
Richtlijnen |
---|
10-05-1994 Datum kennisgeving |
10-05-1994 Ter inzage legging van de informatie |
17-10-1994 Advies uitgebracht |
Advies voor richtlijnen |
Toetsing |
11-04-1997 Aanvraag toetsingsadvies bij de Commissie mer |
17-04-1997 Kennisgeving MER |
17-04-1997 Ter inzage legging MER |
09-07-1997 Toetsingsadvies uitgebracht |
Toetsingsadvies |
Opmerkingen bij de advisering
Dit project hangt vanwege onderlinge bundeling nauw samen met het deeltraject tussen Hoogmade en het aquaduct in de Ringvaart Haarlemmermeer van het Nederlands deel van de Hogesnelheidsspoorverbinding Amsterdam – Rotterdam – Brussel – Parijs (‘de HSL-Zuid’). Bij de opstelling van de trajectnota/MER A4, Burgerveen – Leiden is het tracé van de HSL-Zuid als uitgangspunt genomen. Daardoor zijn tussentijds omleidingsvarianten om Leiderdorp en Rijpwetering heen als niet-redelijke varianten afgevallen.
Naar het oordeel van de Commissie bevatte het MER voldoende informatie voor de (gefaseerde) besluitvorming. Een aantal aspecten zou in de OTB-fase wel nader moeten worden uitge werkt. De Commissie deed een aantal aanbevelingen voor de besluitvorming ten aanzien van de passage Leiderdorp, stiltegebieden, bodem, grond- en oppervlaktewater, landschap (in stedelijk en buitengebied), natuur, tijdelijke bouwhinder en monitoring en evaluatie.
Het tracébesluit gaat in op te treffen mitigerende maatregelen en onder meer op aan te leggen droge en natte faunapassages. Het bevat ook een ontwerp voor compensatiemaatregelen in verband met verlies aan natuurwaarden (volgens het SGR), dit in combinatie met de HSL-Zuid, dat nog nader zal worden uitgewerkt. Het tracébesluit bevat geen evaluatieparagraaf.
Na vaststelling van het tracébesluit in april 1998 is beroep bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State ingesteld. Op 22 maart 1999 trok de Minister van Verkeer en Waterstaat het deel van het tracébesluit voor de passage Leiden - Leiderdorp in.
Voor de A4 tussen het knooppunt De Hoek (Schiphol) - Prins Clausplein (Den Haag) werd een nieuwe m.e.r.-procedure gestart1.
Bij uitspraak van 6 september 1999 heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak het resterende tracébesluit Burgerveen - Leiden onder meer op de volgende twee punten vernietigd. De vernietigde delen betreffen het geluidsscherm ter hoogte van Roelofarendsveen en het ontbreken van een verzoek voor een hogere grenswaarde voor een woning te Rijpwetering. In een nieuw tracébesluit (het zogeheten tracébesluit 20002) worden deze punten gerepareerd; bovendien zijn een aantal zogeheten ambtshalve aanpassingen opgenomen naar aanleiding van de inbreng van de betrokken gemeenten, de provincie en het waterschap De Oude Rijnstromen. Deze aanpassingen hebben betrekking op de aansluitingen op de N446 en de N445.
De bedoeling was dat het project tussen 2004 en 2006 wordt aanbesteed; planning van de oplevering is 2011.
Na de intrekking van het tracébesluit 1998 hebben de gemeenten Leiden, Leiderdorp en Zoe terwoude het initiatief genomen om samen met Rijkswaterstaat, het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke ordening en Milieubeheer en de provincie Zuid-Holland te komen tot een integrale gebiedsontwikkeling tussen de Dwarswatering en de spoorbaan Leiden – Al phen aan den Rijn. In februari 2002 mondde dit uit in de overeenkomst aangaande wonen, werken, water en wegen, de zogeheten W4-overeenkomst. Alle deelnemende partijen hebben verklaard te zullen bijdragen aan een gewijzigde aanleg – een lange verdiepte bak in plaats van een korte bak bij het aquaduct Oude Rijn – en inpassing van de A4.
In maart 2004 is een nieuw ontwerp-tracébesluit ter inzage gelegd, gebaseerd op deze W4-overeenkomst.
In juli 2004 werden besluiten gepubliceerd over de bouw van geluidsschermen in Alkemade.
Op 17 mei 2009 is een nieuw tracébesluit vastgesteld over het gedeelte Leiderdorp-Leiden.
1Zie project 1049.
2Dit wordt het tracébesluit 2000 genoemd aangezien het ontwerp-tracébesluit in 2000 werd gepubliceerd; TB 2000 is gebaseerd op OTB 2000.
Betrokken partijen
Samenstelling van de laatste werkgroep
drs. Jan Hoogendoorn |
ir. Bas de Koning |
ing. Willem Meijnen |
dr. ir. Evert de Ruiter |
prof. dr. Helias Udo de Haes |
Voorzitter: ir. Peter van Duursen
Werkgroepsecretaris: ir. Romke Seijffers
Initiatiefnemer en Bevoegd gezag
Initiatiefnemer |
---|
Rijkswaterstaat |
Bevoegd gezag |
---|
Rijkswaterstaat |
Ministerie van Volkhv., R.O. en Milieubeheer |
Overige gegevens
Gebied: Nederland, provincie Zuid-Holland
Categorieën Besluit m.e.r.
Code | Omschrijving |
---|---|
C01.4 | tot 1-4-2011: Verbreding hoofdweg of ombouw tot autosnelweg |
Bijgewerkt op: 28 mei 2009