796. Uitbreiding kalvergierbewerkingsinstallatie te Ede

Het voornemen betreft de uitbreiding van de kalvergierbewerkingsinstallatie (KGBI) te Ede.   

Procedure en adviezen

Richtlijnen
19-06-1996 Datum kennisgeving
19-06-1996 Ter inzage legging van de informatie
27-08-1996 Advies uitgebracht

Opmerkingen bij de advisering

Vanwege de overeenkomsten in de installaties, de voorgenomen uitbreidingen en de te verwachten milieueffecten heeft de Commissie één richtlijnenadvies uitgebracht voor de voornemens te Ede, Elspeet en Stroe1. 

Een bijzonderheid aan de bestaande installatie is, dat de provincie in de huidige vergunningvoorschriften een evaluatieverplichting heeft opgenomen voor de monitoring van de gehalten aan antibiotica en bestrijdingsmiddelen in de aangeleverde gier. Dit was een door de Commissie geconstateerde kennisleemte in het MER voor de oprichting van de installatie. De initiatiefnemer heeft echter beroep tegen deze verplichting aangetekend. Inmiddels is de vergunning vernietigd en hiermee ook de evaluatieverplichting.

In haar advies geeft de Commissie aan, dat opvulling van de kennisleemte nog steeds van belang is voor de bestaande installatie. Echter, voor de besluitvorming over de uitbreiding is de informatie niet van belang, indien in het MER aannemelijk gemaakt kan worden dat genoemde stoffen (indien ze in de gier aanwezig zijn):

● in de afgelopen jaren niet geleid hebben tot negatief geachte effecten op oppervlaktewater;

● geen problemen hebben veroorzaakt in het procédé van de bestaande installatie.

In het advies geeft de Commissie verder aan, dat bij het meest milieuvriendelijke alternatief uitgegaan kan worden van de processen in de bestaande installatie. Alleen indien zou blijken dat de zoutvracht van de installatie na uitbreiding tot problemen in oppervlaktewater zou kunnen leiden, dient als alternatief voor uitbreiding (en voor die van de installaties in Elspeet en Stroe) de oprichting van een nieuwe (5e) installatie onderzocht te worden, waarin een nieuw procédé toegepast wordt ter vermindering van de zoutvracht, zoals indampen.

Met uitzondering van een tweetal toevoegingen op detailpunten en hier en daar iets gewijzigde bewoordingen is het richtlijnenadvies ongewijzigd als richtlijnen vastgesteld.

Eind 1999 bleek dat het project inmiddels m.e.r.-beoordelingsplichtig is geworden. Naar verwachting wordt het MER nog afgemaakt. Wanneer is onduidelijk.

 

1 Zie projecten 797 en 798. 

 

Betrokken partijen

Samenstelling van de laatste werkgroep

dhr. ir. A.H. Dirkzwager
dhr. ing. C. Roos
dhr. ing. F. van Voorneburg

Voorzitter: dhr. dr. J.Th. de Smidt
Werkgroepsecretaris: dhr. drs. R.A.A. Verheem

Initiatiefnemer en Bevoegd gezag

Initiatiefnemer
Stichting Mestverwerking Gelderland

Bevoegd gezag
Gelderland
Zuiveringsschap Veluwe

Overige gegevens

Gebied: Nederland, provincie Gelderland


Categorie├źn Besluit m.e.r.

Code Omschrijving
D00.2 mestverwerking, m.e.r.-plichtig destijds (1987-1999)
D18.3 tot 1-4-2011: Wijzigen van inrichting voor diverse afvalstoffen

Bijgewerkt op: 10 jul 2018