3337. MIRT verkenning A20 Nieuwerkerk aan den IJssel - Gouda

De minister van IenW wil de doorstroming en verkeersveiligheid verbeteren op de A20 Nieuwerkerk aan den IJssel – Gouda. Ter voorbereiding op het Tracébesluit is een MIRT-Verkenning opgesteld. Deze verkenning vindt plaats in twee stappen. De eerste stap is de keuze voor een voorkeursalternatief. Later wordt dit alternatief verder uitgewerkt. Voordat de minister besluit worden de milieugevolgen onderzocht in een milieueffectrapport. Het milieueffectrapport voor de eerste stap (deel 1) is inmiddels gereed. De minister heeft de Commissie gevraagd dit milieueffectrapport te beoordelen.

Procedure en adviezen

Tussentijdse Toetsing (MER deel 1)
23-07-2018 Aanvraag toetsingsadvies bij de Commissie m.e.r.
15-10-2018 Ter inzage legging MER
10-01-2019 Toetsingsadvies uitgebracht
Voorlopig tussentijds toetsingsadvies
Persbericht

Opmerkingen bij de advisering

Tussentijds toetsingsadvies
De commissie toetst op dit moment het MER en de aanvulling daarop. 

Voorlopig tussentijds toetsingsadvies
Het rapport vat de informatie uit de voorgaande onderzoeksfasen en achtergrondrapporten beknopt samen. Een verbreding van de A20 met 3 rijstroken en 5 rijstroken ter hoogte van het Gouwe-aquaduct (A12-A20) in de rijrichting Utrecht heeft de voorkeur. De effecten op de leefomgeving van deze verbreding zijn goed onderzocht. Het is de Commissie echter onduidelijk waarom voor deze oplossing wordt gekozen en waarom andere oplossingen afvallen, zoals het beter benutten van de bestaande parallelwegen.  
Deze verbreding van de A20 leidt tot toename van het verkeer en extra weefbewegingen. Ook wordt de vluchtstrook in het aquaduct opgeheven. Hierdoor lijkt het risico op ongevallen tussen knooppunt Gouwe en de afrit Gouda toe te nemen. De Commissie concludeert dat dit in het rapport nog onvoldoende is onderzocht.  
De Commissie adviseert daarom de minister om het milieueffectrapport deel 1 op bovenstaande punten te laten aanpassen, zodat zij nog rekening kan houden met deze informatie voordat zij een voorkeursalternatief verder laat uitwerken.
De minister heeft aangegeven dit advies over te nemen en zij zal de Commissie ook vragen de aanvullende informatie te beoordelen. Na ontvangst van deze informatie zal de Commissie een definitief advies opstellen.

Betrokken partijen

Samenstelling van de laatste werkgroep

Werkgroeplid
dhr. ir. J.J. Bakker
dhr. ing. P.A. Kroeze
dhr. ing. W. Schik
dhr. ir. P.P.A. van Vugt

Voorzitter van de werkgroep: dhr. mr. C.Th. Smit
Werkgroepsecretaris: dhr. drs. R. Meeuwsen

Initiatiefnemer en Bevoegd gezag

Initiatiefnemer
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Bevoegd gezag
Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Overige gegevens

Gebied: Nederland, provincie Zuid-Holland

Categorieën Besluit m.e.r.

Code Omschrijving
001.1 Project m.e.r. uitgebreide procedure
C01.2 2018: aanleg auto(snel)weg
D01.1 2018: wijziging of uitbreiding van auto(snel)weg tracélengte > =5 km

Bijgewerkt op: 17 jan 2019